De GGZ leert van jongeren

De jongeren zijn duidelijk: de therapeut moet online vindbaar zijn, met een een duidelijk profiel dat hun kennis laat zien. Want… ze willen niet door ‘zomaar iemand’ geholpen worden als ze psychische problemen hebben. Dit is een van de uitkomsten van het symposium eHealth (15/10) op de scholengemeenschap in Valkenswaard. De zorginstellingen GGzE (regio Eindhoven en De Kempen) en het Limburgse Mondriaan organiseerden het symposium om te leren hoe ze hun therapieën en eHealth toepassingen beter op jongeren kunnen afstemmen.

De scholieren vonden het project rond psychiatrie eerst wat spannend, maar kwamen al snel los. “We konden niet eens een foto vinden. Misschien weet u toch wel wat van sociale media, via uw kinderen bijvoorbeeld, en kunt u toch een foto plaatsen?”, vraagt een jongere tijdens haar workshop hoopvol aan een van de behandelaren, die ‘niet eens’ een Twitterprofiel bleek te hebben.

Mismatch
In die presentaties van de vmbo-leerlingen vertellen zij niet alleen wat ze zelf doen op sociale media, ze lichten ook toe wat ze de afgelopen weken hebben geleerd over psychiatrie. En dan blijkt dat de meeste informatie vanuit de instellingen wel erg veel moeilijke (vak)termen bevat. Als het al te vinden is, want de meesten hadden grote moeite om bruikbare informatie te vinden. Het is een voorbeeld van een mismatch die door de samenwerking met de scholengemeenschap naar voren komt. GGzE en Mondriaan bieden cliënten na aanmelding immers via het platform MindDistrict al toegang tot allerhande praktische informatie over hun op handen zijde behandeling en de mogelijkheden. “Misschien moeten we dat eerder open zetten”, vragen de behandelaren zich af in een van de workshops.

‘Weer’ een nieuwe app
Sinds drie jaar timmeren GGzE en Mondriaan gezamenlijk aan de weg om jongeren nog beter te kunnen bereiken. Als eerste is in co-creatie met jongeren, hulpverleners en studenten de app M’n Mattie ontwikkeld, waarmee cliënten worden voorbereid op de behandeling. Maar het ontwikkelen van ‘weer’ een nieuwe app is niet altijd de standaard oplossing, ontdekte Mark Slaats, maatschappelijk werker bij GGzE-jeugdinstelling De Catamaran en eHealth-ambassadeur. “Wij brengen het netwerk van jongeren in kaart en daar wilde ik wel hulp bij. Het was nu zo’n papierwinkel.” Eerst werd een bestaand programma ingezet en pas toen dat aansloeg is binnen het GGzE eLab een verbeterde versie ontwikkeld. Met het Ecogram kan de jongere zelf ook actiever aan de slag en zijn vorderingen eenvoudiger met het eigen netwerk kan delen. Het programma is nu beschikbaar voor alle GGzE-medewerkers en wordt inmiddels ook binnen het traumacentrum ingezet.”

Whatsapp in plaats van mail
Wat de jongeren met hun docenten al in Whatsapp-groepjes blijken te overleggen, kunnen therapeuten natuurlijk ook met hun jonge cliënten doen. Als het bij de school goed gaat, zal dat binnen de klinieken ook lukken. Een van de vmbo-ers vertelt dat hij al kan mailen met zijn therapeut. “Maar ik lees mijn mail niet zo vaak. Whatsapp gaat veel sneller, dat zou ik fijner vinden.” Therapie alleen online volgen, lijkt de jongeren niets. “De apparatuur hapert op school ook geregeld en je kan dan niets vragen. De computer kan zich niet aan jou aanpassen, een therapeut wel,” verzuchten ze. Daar is Julliëtte van Eerd, lid van de raad van bestuur van Mondriaan, het mee eens. “Je moet aansluiten bij de behoefte van de cliënt. De een wil een-op-een contact, de andere liever een app of game. Ik denk dat we over tien jaar nog veel meer in staat zijn om minder vanuit hokjes te denken en school, geestelijke gezondheidszorg en de thuissituatie te verbinden. Nieuwe media gaan ons helpen dat contact te leggen.”

Bekijk hier de video impressie en interviews met Rutger Engels (Trimbos Instituut), Marie Louise Vossen (GGZe) en Juliëtte van Eerd (Mondriaan).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *